---
title: "4.1.2. Duurzaamheid"
canonical: "https://www.duurzaamvleesnatuurlijk.nl/space/dvn03/17170494/4.1.2.%20Duurzaamheid"
format: markdown
---
## Productieketen

Als een kalf of rund verkocht wordt, kan het eerst nog op een ander bedrijf afgemest worden. Daarna zal het geslacht worden, waarna het karkas of de karkasdelen verwerkt worden. Vaak wordt het vlees dan eerst gerijpt en daarna versneden. Mogelijk wordt het daarna nog verder verwerkt in vleesproducten voordat het bij slagers of in de horeca aan de consument verkocht wordt. In dit proces ontstaan diverse restproducten, zoals beenderen, huid en orgaanvlees. Dit wordt allemaal met zorg verwerkt. Veel kan weer elders tot waarde gebracht worden.

## Milieu-impact

Op milieu-impact is het beeld wat minder duidelijk. Positief is dat de dieren veelal weiden in natuurgebieden en daarbij ingezet worden voor het behoud van specifieke ecosystemen en landschappen. Echter, als dieren bijgevoerd worden voor het afmesten kan een hogere milieubelasting optreden. Bijvoeding voor afmesten wordt veelal noodzakelijk geacht om een betere vleeskwaliteit en dus een hogere prijs voor het dier bij verkoop te krijgen.

## Duurzaam ondernemerschap

Duurzaam ondernemerschap zou er toe moeten leiden dat vakmanschap ten gunste van milieu- en dierenwelzijn beloond wordt met een opbrengstprijs die hoger is dan de kostprijs, inclusief een volwaardige arbeidsbeloning. Daarbij moet het bedrijf voldoende gemoderniseerd zijn voor de te verwachten normstellingen vanuit de markt en samenleving.

De sector heeft een aantal sterke troeven in handen die vleesveehouders kunnen gebruiken om hun bedrijf toekomstbestendig te maken. Dat zijn het specifieke vakmanschap en de kernwaarden lokaal, transparant en natuur-inclusief. Doordat we in Noordwest-Europa een hoge koopkracht hebben en doordat er veel aandacht is voor regionale producten biedt dat goede kansen voor ondernemers. Een goede relatie met consumenten is erg belangrijk, mede daarom is samenwerking tussen gespecialiseerde en innovatieve veehouders, slachterijen, slagerijen, groothandel, horeca en retail erg belangrijk voor het verduurzamen van de sector.

## Veel knelpunten voor verandering

Het algemene gevoel in de sector is echter dat het voor bedrijven lastig is te investeren en de sector toekomstbestendig te maken. Volgens diverse actoren binnen de vleesveesector is het duurzaam ondernemerschap in de zoogkoeiensector zwak ontwikkeld om diverse redenen. Ten eerste hebben veel bedrijven een hobbymatig karakter, veelal met een oudere veehouder met weinig behoefte aan innovatie en verduurzaming. Het productieproces kent een erg lange doorlooptijd. Aanpassen van efficiëntie of dierenwelzijn gaat soms erg langzaam. Bijvoorbeeld, het fokken op beter geboortegemak en dus minder keizersneden duurt al snel 10 jaar. De kleinschaligheid van bedrijven geeft weinig ruimte tot aanpassing van het bedrijfssysteem. Er is veelal een eenzijdig verdienmodel gefocust op verkoop van vlees waardoor de relatie tussen veehouderijbedrijven en ketenpartijen in het afzetkanaal erg kwetsbaar is.

Ook wordt de relatie met beheerders en eigenaren van gronden die beweid worden als punt van zorg gezien. Er is vaak onzekerheid over verlenging van pacht en het beleid wanneer welke gronden beweid mogen worden. De relatie met de overheid is tevens een zwak punt, een voorbeeld ervan is dat er weinig betrouwbare gegevens over emissies beschikbaar zijn. Daardoor komt  vergunningverlening voor opstallen in de knel. Ook zijn er twijfels of de berekende CO<sub>2</sub>-footprints van in Nederland geproduceerd vleesvee in natuurgebieden of van dubbeldoelkoeien wel voldoende rekening gehouden is met de andere gebruiksdoelen van het vee, zoals natuuronderhoud en melkproductie. Doordat het vlees als product voor het beoogde afzetkanaal vaak te weinig onderscheidend vermogen heeft kan het niet tegen een hogere prijs verkocht worden.

## Initiatieven om tot een duurzame sector te komen

Er zijn een aantal initiatieven binnen de sector die de positieve waarden van de zoogkoeiensector kunnen versterken. Ten eerste de initiatieven om nieuwe verdienmodellen te ontwikkelen; door bijvoorbeeld meerwaarde te creëren door kwaliteit via diversiteit te promoten op basis van lokale eigenheid en samenwerkingen op te zetten tussen vleesveehouders, slachterijen, slagerijen, horeca en natuurgrondbeheerders. Dit leidt tot nieuwe marktconcepten, een voorbeeld daarvan zijn de concepten zoals door [Meat Concepts](https://www.meatconcepts.nl/portfolio/) ontwikkeld worden. Ten tweede het nieuwe platform [VleesveeNL](https://vleesveenl.org/), een samenwerkingsverband tussen belangrijke spelers in de vleesveehouderijsector. Hierdoor krijgt de visievorming binnen de sector een impuls. Dit kan leiden tot meer samenhang en samenwerking binnen de sector en met externe partijen. Om hier concreet invulling aan te geven is in 2021 de [Vleesvee Academie](https://vleesveenl.org/vleesveenl-academie/) opgericht. Vanuit de Vleesvee Academie worden verschillende projecten uitgerold op het gebied van educatie en onderzoek.

Ook kunnen vertegenwoordigers van de zoogkoeiensector door krachtenbundeling een duidelijkere stem krijgen in discussies en onderzoeksprogramma’s rondom algemene beleidsthema’s zoals het stikstofbeleid, het klimaatbeleid en het gemeenschappelijk landbouwbeleid.

Een van de initiatieven om tot een duurzamere sector te komen is het plan van aanpak voor meer duurzame geboorten van dikbilkoeien. Hierbij wordt de focus gelegd op het aanpassen van de bekkenbreedte van de moederdieren, waardoor meer natuurlijke bevallingen mogelijk worden. Onderstaand rapport en de rapportage van de Keuringdienst van waarde geven meer informatie over het dikbilrund en de mogelijkheden tot het verduurzamen van vleesvee op dit gebied. 

## Ecologische impact van vleesvee

De productie van vlees heeft effect op het klimaat. Er bestaan onderlinge verschillen tussen soorten vlees (rund, varken en kip) en ook tussen verschillende beheersvormen. Onderstaande publicaties beschrijven de ecologisch impact van vleesvee op (inter)nationaal niveau.  

De vleesveesector waarborgt een hoog dierenwelzijn en het antibioticagebruik is relatief laag. Het consumeren van roodvlees heeft een grotere ecologische voetafdruk in vergelijking met pluimvee en varkens. Er zijn onderlinge verschillen tussen intensieve of extensievere manieren van huisvesten. Via het bodem- en voerspoor zijn er kansen om de vleesveehouderij te optimaliseren.


> ℹ️ Verder lezen over de ecologische impact van vleesvee
> ℹ️ 
> ℹ️ - [De relatieve duurzaamheid van de Nederlandse roodvleessector: een kwalitatieve vergelijking](https://edepot.wur.nl/333628)
> ℹ️ - [Geen bulk, maar niche](https://www.ketenduurzaamrundvlees.nl/wp-content/uploads/2015/03/Veeteelt-Vlees-maart-2015-onderzoek-duurzaamheid-vleesvee.pdf)